Zelfmoord bij adolescenten in de jeugdzorg: een voorstel tot samenwerken

Ieder jaar opnieuw leiden zelfmoorden in de jeugdzorg tot dezelfde publieke reactie: na de eerste schrik (recent een jongen van 15 uit Heerlen) wordt een onderzoek, soms kamervragen, ingesteld, met steevast als uitkomst dat er beter moet worden samengewerkt tussen de instanties. Maar waarom leren we hier niet van, en neemt het aantal zelfmoorden zelfs toe? En wat is samenwerken?

  • Zelfmoord: van gedachten naar pogingen naar suïcide.

Eerst enkele cijfers:

  1. Gedachte aan zelfmoord

Ongeveer 10% van de adolescenten heeft in een jaar wel gedachten aan zelfmoord. Er zijn ongeveer 1 miljoen jeugdigen tussen 10-18 jaar, dus dat is grofweg 100.00 kinderen per jaar.

  1. Poging tot zelfmoord en zelfbeschadiging

Ongeveer 3-6% van de jeugdigen tot 18 jaar beschadigt zichzelf opzettelijk of doet een zelfmoordpogingen. Het  komt bij jongeren veel meer voor dan bij oudere leeftijdsgroepen. Hoewel niet alle zelfbeschadigingen ook zelfdoding tot doel heeft (vaak alleen om van de wanhoop af te geraken), vergroot het wel de kans op een latere zelfmoord: Hoe vaker zelfbeschadiging, des te groter de kans op zelfmoord. Maar uiteindelijk pleegt maar een klein gedeelte van de kinderen die zichzelf beschadigen of zelfmoordpogingen doen uiteindelijk zelfmoord.

Naar schatting 3000 keer per jaar moet een jongere vanwege een suïcidepoging behandeld worden door de huisarts of in het ziekenhuis. Ongeveer 4% van de adolescenten heeft ooit een suïcidepoging ondernomen waarvoor medische hulp nodig was. Onderzoek toont aan dat 6% van de jongeren ooit een poging tot zelfdoding heeft ondernomen, die niet leidde tot medische hulp.

Er zijn grote verschillen tussen de diverse bevolkingsgroepen. Jonge Turkse en Surinaamse vrouwen, vertonen een bovengemiddelde incidentie van suïcidepogingen, die echter niet leiden tot een per saldo hoger suïcidecijfer. Maar bij anderen jonge niet-westers allochtone mannen en Surinaamse mannen tot middelbare leeftijd is sprake van veel hogere suïcidecijfers.

  1. Zelfmoord in de adolescentie

Ieder jaar plegen ongeveer 130 jongeren in de leeftijd 10-25 zelfmoord, en daarmee is het de eerste doodsoorzaak (gevolgd door verkeersongelukken). Over het geheel genomen komt zelfdoding onder jongens vaker voor dan bij meisjes, behalve bij 10-15 jarigen. In deze leeftijdscategorie plegen ongeveer 7 kinderen per jaar zelfmoord. De frequentie neemt toe met de leeftijd (tot 25 jaar). In de categorie 15-20 jaar gaat hem om 40-53 kinderen per jaar, meest meisjes.

  • Samenwerken

Er zijn veel goede initiatieven om het probleem aan te pakken. Er zijn telefonische hulpdiensten (113, Sensoor), vragenlijsten, E-health (internet) hulpmiddelen. Bij de GGZ-Oost-Brabant is een plan uitgewerkt (STORM) waarbij samengewerkt wordt scholen en ketenpartners. Waarom lukt het dan niet om het aantal zelfdodingen te laten dalen? De reden hiervoor is dat menselijke aandacht verslapt bij zaken die zelden voorkomen, ook als ze catastrofaal zijn. Want, zo vaak als de kinderpsychiater te maken heeft met zelfmoordgedachten en pogingen, zo zeldzaam is dat in de basis jeugdzorg. Je kunt niet iedere jeugdhulp medewerker trainen voor iets, dat maar zelden voorkomt. Daarvoor dient de jeugdzorg dus een simpel protocol te ontwikkelen, met een vaste werkwijze van herkenning en doorverwijzing.

Uiteindelijk is de kinderpsychiater de meest aangewezen hulpverlener waar men terecht komt. Niet alleen omdat deze de grootste ervaring heeft (ik zie vrijwel dagelijks kinderen met deze problematiek), maar ook omdat de kinderpsychiater in uiterste gevallen kan ingrijpen en tot een gedwongen opname over kan gaan (wet BOPZ). Bovendien heeft tenminste de helft van de kinderen die zelfmoordpogingen doen een onderliggende psychiatrische stoornis.

Er zijn ongeveer 450 kinderpsychiaters in Nederland. Duidelijk is dat er een triage moet plaatsvinden, omdat niet alle 100000 kinderen die denken aan zelfmoord gezien kunnen en moeten worden. In de triage spelen (o.a.) jeugdzorgmedewerkers een belangrijke rol.

  • Samenwerken Jeugdzorg en JEUGD GGZ crisisdienst

Als er een vermoeden is op zelfmoordgedachten zou een screening moeten plaatsvinden om de ernst hiervan te peilen. En de jongere en zijn ouders moeten altijd op de telefonische- en E-health -mogelijkheden worden gewezen.

Bij een positieve screening (dus gevaar op zelfmoordpoging) dient doorverwezen te worden naar de Jeugd GGZ. Probleem hierbij zijn wachtlijsten en administratieve rompslomp, alsmede lokale tekorten in beschikbaarheid van Jeugd GGZ. En omdat zelfmoord zich niet aan gemeentelijke grenzen houdt, dient een landelijk netwerk opgezet te worden.

Om dit te vermijden zou overal een directe toegang tot een Jeugd-GGZ crisisdienst moeten worden opgezet. Dus als bij de screening een score hoger dan een bepaalde grenswaarde wordt gescoord, moet de jeugdhulpverlener overleggen met de crisisdienst hoe het contact kan worden overgedragen en wie wat gaat doen, en dient automatisch een beschikking te worden afgegeven. Denk aan het EHBO-model: op straat vindt de eerste hulp plaats, en indien nodig vindt behandeling op de Spoed Eisende Hulp plaats.

Na beoordeling door de Jeugd GGZ crisisdienst worden er, afhankelijk van de situatie, verdere stappen gezet. Dit kan zowel afschalen (terug naar jeugdhulpverlener) als overname door Jeugd GGZ zijn.

 

De zelfmoord van een 15-jarige scholier wekt veel beroering en leidt tot kamervragen van D66.

Bronnen:

NJI ( http://www.nji.nl/nl/Databank/Cijfers-over-Jeugd-en-Opvoeding/Cijfers-per-onderwerp/Zelfdoding )

Zelfdoding: kengetallen ( https://www.lentis.nl/wp-content/uploads/2014/08/Zelfdoding-in-Nederland-een-statistisch-overzicht.pdf )

STORM

Bij de GGZ Oost-Brabant is in 2016 een samenwerkingsproject gestart. Het project STORM is een samenwerking tussen GGZ Oost Brabant, GGD, het Trimbos instituut, scholen voor voortgezet onderwijs, gemeenten en regionale ketenpartners.

( http://www.ggzoostbrabant.nl/storm-project?highlight=WyJzdG9ybSJd )

 

Vragenlijsten: (prof A Kerkhof)

( http://www.kerkhofpsychotherapie.nl/profiel/publicaties )

 

113

( https://www.113.nl/sites/default/files/113/preventie/Handreiking%20113-onderwijs.pdf )